woensdag 4 november 2015 / Nieuwe Revu / Foto: Peter Brinch / �resundsbron

Krant en Tijdschrift / Achtergrond

Malmö, stad der handgranaten


Onze hoofdstad heeft de afgelopen tijd te kampen gehad met een golf van geweld in de onderwereld. Met steeds zwaardere vuurwapens gaan criminelen elkaar te lijf. In Amsterdam is de kalasjnikov het weapon of choice, in de Zuid-Zweedse stad Malmo� geven ze de voorkeur aan een ander wapen. De afgelopen zomer bestookten ze elkaar daar met handgranaten. In nog geen tien weken tijd gingen er dertien af, en werden er nog meer blindgangers gevonden.

 

In de nacht van 26 juli worden de bewoners van RoÌ�nnblomsgatan ruw gewekt door een heftige explosie. ‘Het leek wel alsof er een bom was ontploft,’ zegt buurtbewoner Rodrigo Godoy die in zijn pyjama de straat opliep om te kijken wat er was gebeurd. ‘Overal lagen glasscherven en houtsplinters.’ Toch besloot hij gewoon weer in bed te gaan liggen, want ‘er gebeuren hier in MalmoÌ� wel vaker gekke dingen, je staat er niet te lang bij stil’. De volgende ochtend slaat de schrik Godoy om het hart. Er blijkt een handgranaat te zijn afgegaan, precies onder zijn werkbusje.

 

‘Ben ik nou het doelwit van een aanslag geweest?’ Die vraag krijgt de
dertigjarige elektricien sinds die nacht niet meer uit zijn hoofd. ‘Ik heb een conflict over een aantal fikse facturen die niet betaald worden. Je weet nooit met wie je te maken hebt...’ De angst werkt verlammend. Als Godoy de straat op moet, observeert hij eerst minutenlang de straat. Zijn kinderen laat hij weken lang bij zijn ex-vrouw logeren. Werken is ook lastig zonder busje, zijn bedrijfje verliest veel klanten.

 

GOLF VAN AANSLAGEN

 

Inmiddels heeft de politie uitgesloten dat Godoy slachtoffer is van een gerichte aanslag. De granaat is hoogstwaarschijnlijk toevallig onder zijn busje terechtgekomen. Over wat er wel gebeurd is, kan de politie nog weinig zeggen. Feit is dat Malmo� afgelopen zomer werd geteisterd door een golf van aanslagen met handgranaten. Tot nu toe zijn er nog geen doden gevallen. Wel viel er een aantal gewonden. Allemaal toevallige voorbijgangers.

 

Een wandeling door Malmo� brengt je op plekken die op geen enkele manier stroken met het idyllische Zweden van Abba, IKEA en Pippi Langkous. Het centrum is de afgelopen decennia flink opgeknapt. Door te investeren in het aantrekken van tech-bedrijven heeft de stad flink kunnen moderniseren. Maar dat helpt maar een klein gedeelte van de stad. De armoede is voelbaar in de uitgestrekte, eentonige buitenwijken. Wijken als So�dra Sofielund, Krocksba�ck en Rosenga�rd, de plek waar Zlatan Ibrahimovic opgroeide, worden voornamelijk bewoond door eerste, tweede en derde generatie migranten. Van de ongeveer 300.000 inwoners is 15% werkloos. De voetbalclubs heten er FBK Balkan, NK Croatia, KSF Srbija Malmo� of Tu�rk Anadolu FF.

 

‘Weer een blindganger gevonden,’ tweet Joakim Palmkvist op 3 september, ‘dat betekent weer afgesloten straten in MalmoÌ�. #stadvandegranaten’. Palmkvist is misdaadverslaggever bij de lokale krant Sydsvenskan. Hij voldoet aan alle daarbij behorende stereotypes; hij praat snel, drinkt louter dubbele espresso’s en rookt per uur zeker zes kleine sigaartjes. Maar bovenal kent hij de onderwereld van MalmoÌ� als zijn broekzak. Het extreme geweld van afgelopen zomer maakt hem cynisch. Het soort cynisme dat je wel vaker ziet bij een geharde misdaadjournalist. Toch werd het ook Palmkvist te veel. De aanslag op Godoy vormde de druppel. In zijn column haalde Palmkvist uit: ‘Een handgranaat is het wapen van een gek, een terrorist,’ brieste hij, ‘wat er nu gebeurt in MalmoÌ� is terrorisme! Dat moet dan ook als zodanig bestreden worden, alleen dan kunnen we deze geweldsgolf keren.’

 

‘Veel mensen in MalmoÌ� zijn bang,’ zegt Palmkvist. ‘En terecht, de politie lijkt weinig grip op de situatie te krijgen. Ze lijken niet te begrijpen wat de angst met de mensen doet. Er zijn veel buurten waar mensen na negenen de straat niet meer op durven, bang dat ze toevallig slachtoffer worden van een explosie, of ooggetuige zijn van iets wat ze niet hadden willen zien.’

 

SLECHT ONDERHOUD

Rasmusgatan is een van de straten waar het de afgelopen maanden flink mis was. Drie keer ging er een granaat af. Het asfalt van de straat is in slechte conditie, zo slecht dat het niet meer te zien is of de barsten veroorzaakt zijn door een explosie of door slecht onderhoud. Er staan twee verlaten auto’s geparkeerd. De nummerborden zijn eraf gehaald, er groeit gras rond de banden. Een groep opgeschoten tieners staat te geiten in een portiek, terwijl deze jongens op dit tijdstip op school zouden moeten zijn. Halverwege blokkeren drie grote betonnen bakken de straat. Een maatregel van de gemeente om de welig tierende drugshandel op Rasmusgatan tegen te gaan. ’s Avonds reden de klanten door de straat alsof het een drive through coffee shop was.

 

Volgens Manne Gerell, onderzoeker aan de universiteit van MalmoÌ�, liggen er verschillende factoren ten grondslag aan het criminaliteitsprobleem van MalmoÌ�. Ten eerste de ligging aan het zuidpuntje van Zweden. Het is het bruggenhoofd naar het Scandinavische continent. Vrijwel alle smokkelwaar voor de rest van ScandinavieÌ� komt via MalmoÌ� het schiereiland binnen om vervolgens doorgevoerd te worden naar Stockholm, GoÌ�teborg of Oslo. Ook speelt de nabijheid van Kopenhagen een rol. De Deense hoofdstad ligt nog geen twintig kilometer verderop. Een kort stukje varen, of een kwartier rijden over de OÌ�resundbrug en je bent in de metropool die met zo’n twee miljoen inwoners veel grootsteedse problemen kent.

 

Maar het is volgens Gerell vooral de armoede die MalmoÌ� zo’n vruchtbare voedingsbodem voor criminaliteit maakt. ‘De onderklasse staat hier stil, ze ontwikkelen zich niet. Veel jongeren voelen zich geen onderdeel van de maatschappij, ze voelen zich buitengesloten. De stad en de regering investeren in lange-termijnplannen en de politie handhaaft op de korte termijn. Het probleem is dat daar niets tussenin zit waar de jongeren van nu direct iets aan hebben. Er is weinig perspectief, dan blijkt criminaliteit een makkelijke uitweg.’

 

De criminaliteit ingaan is een ding, met handgranaten strooien is toch echt iets anders. Het zijn vrijwel alleen jongemannen die in verband gebracht worden met het gooien van granaten. Volgens Joakim Palmkvist is dat het gevolg van een gangoorlog die eerder in Malmo� woedde. Vanaf 2008 stonden de losjes georganiseerde straatgangs M-falangen en K-falangen elkaar naar het leven.


De leiders van de gangs hadden een duidelijk profiel, de gebroeders Razak en Reza M., waren van Servische afkomst, de broers Arjan en Lorik K. hadden een Libanese achtergrond. Maar de verbindende factor in de gangs is volgens Palmkvist echt de buurt waarin ze opgegroeid zijn. M-falangen heeft SoÌ�derkulla als basis, K-falangen komt uit RosengaÌ�rd. ‘Die gasten gingen samen naar school en samen naar voetbaltraining. Hun wereld was erg klein, zo werden ze erg naar elkaar toe gedreven, de loyaliteit was groot.’

 

De gangs hadden een duidelijke leiding, maar de lagen daaronder waren erg los/ vast. Als er iets te doen was, waren er verschillende jongens uit de buurt beschikbaar om het karwei op te knappen. ‘MalmoÌ� is eigenlijk te klein voor twee rivaliserende gangs,’ zegt Palmkvist. ‘Als je geld hebt en je wilt met champagne spuiten dan kom je automatisch bij Etage terecht. Er is eigenlijk geen andere club. Iedereen komt elkaar tegen, ook mensen die elkaar niet mogen. Zo kon de oorlog tussen de gangs zich snel ontwikkelen.’ Inmiddels zijn zowel de gebroeders M als de gebroeders K omgekomen in het geweld.


De losvaste verbanden binnen de gangs hebben er voor gezorgd dat er niet direct een duidelijke nieuwe leiding is opgestaan. Het gat wordt volgens Palmkvist opgevuld door jonge gasten die ervaring opdeden in de oude gangs en nu voor hun eigen kansen gaan. Ze willen zich profileren. En hoe kan je beter imponeren en intimideren dan door een handgranaat te gooien?

 

BALKANOORLOG

 

De handgranaten die in MalmoÌ� gebruikt worden zijn van het type M75. Een plastic huls gevuld met explosieven en honderden kleine kogeltjes. Dit type handgranaat was zeer populair tijdens de Balkanoorlog. Na die oorlog zijn ze voor een groot deel in handen gevallen van lokale criminelen. Het is bekend dat met name M-falangen goede contacten had in ServieÌ�. Het lijkt dus voor de hand te liggen dat de granaten daarvandaan komen. De politie was erg verbaasd dat er zoveel granaten in omloop bleken te zijn, zegt Lars FoÌ�rstell, woordvoerder van de politie. ‘We weten dat de handgranaten afkomstig zijn van de Balkan en dat ze oud zijn. Er zitten veel blindgangers tussen. Toch is het erg lastig om dit soort zaken op te lossen omdat er bijna geen sporen zijn. Er zijn geen vingerafdrukken meer te vinden op een ontplofte granaat. Ook laten granaten geen kruitsporen achter op de dader, zoals een pistoolschot dat wel doet. We zijn dus voor een groot deel afhankelijk van wat ooggetuigen ons melden.’


Dat zijn volgens Palmkvist precies de redenen waarom de handgranaten zo populair zijn. Ze laten weinig forensisch bewijs achter en ze maken extra veel indruk. Bovendien is het zo dat de straf die volgens de Zweedse wet op het bezit van een handgranaat staat (zes maanden), lager is dan die op wapenbezit (twee jaar).
De meest bewoners van de probleemwijken in MalmoÌ� zien de toekomst niet al te rooskleurig. Dat geldt ook voor Rodrigo Godoy: ‘De politie heeft mij goed geholpen, maar ze moeten meer doen om dit extreme geweld te bestrijden.’


Het feit dat de politie moeite heeft om de handgranatenzaken op te lossen sterkt de gangsters alleen maar, daar zijn Joakim Palmkvist en Manne Gerell het over eens. ‘De gangsters voelen zich onaantastbaar en de bewoners van MalmoÌ� worden banger en banger,’ aldus Palmkvist. Onder de bewoners van Rasmusgatan voel je de angst. In de straat waar afgelopen maanden maar liefst drie handgranaten ontploften, spreken ze liever niet met de pers. Niemand durft ook maar iets te zeggen tegen de verslaggever uit Nederland. Met de lippen stijf op elkaar wandelen ze door. ‘Dat is tekenend voor de hopeloosheid van de situatie,’ vindt Gerell, ‘de mensen zijn bang voor represailles. Bang dat iemand ze met een vreemdeling ziet praten en dat er volgende nacht bij hen voor de deur een handgranaat afgaat. Met de politie praten doen ze al helemaal niet. Volgens mij onderschat de politie die angst. Ze zeggen altijd: wij doen er alles aan om deze zaak op te lossen. We spreken met zoveel mogelijk mensen. Daarbij vergeten ze dat veel mensen helemaal niet vrijuit met de politie durven te spreken. Ze zijn bang.” Volgens Gerell leidt het vertrouwen in de politie en de rechtsstaat daaronder. Joakim Palmkvist gaat nog verder, hij zegt dat het overgrote deel van de bewoners van probleemwijken allang het vertrouwen in de politie heeft verloren. ‘Ze zien al die politieonderzoeken als een show voor de buÌ�hne.’

 

Ondanks alles probeert Rodrigo Godoy optimistisch te blijven. ‘Ik heb in verschillende steden in Zweden gewoond, maar dit is en blijft de fijnste stad. De politie zal toch een manier moeten kunnen vinden om dit allemaal op te lossen. Ik blijf daar in ieder geval in geloven.’