woensdag 22 juli 2015 / "Utøya 3" by Paalso Paal Sørensen 2011 - Licensed under CC BY-SA 3.0 via Wikimedia Commons

Krant en Tijdschrift

4 jaar na Utøya

Per Anders Langerød (30) overleefde de schietpartij op het eilandje Utøya, vandaag precies vier jaar geleden. Per Anders heeft de stad voor de verjaardag van de aanslagen ontvlucht. Aan herdenkingsdiensten heeft Per Anders weinig behoefte, hij geeft er de voorkeur aan om op 22 juli met zijn allernaasten het leven te vieren. Via Skype vertelt hij hoe het hem de afgelopen jaren is vergaan.

 

 

Op 22 juli 2011 geeft Per-Anders een lezing over internationale studentenbewegingen op het zomerkamp van de AUF, de jongerenafdeling van de Noorse Sociaaldemocraten. Zij organiseren jaarlijks een zomerkamp op Utøya, een hartvormig eilandje niet ver buiten Oslo. Na afloop van zijn lezing word er nog druk nagepraat. Als iedereen het gebouw heeft verlaten klinken de eerste knallen. In eerste instantie denkt Per Anders aan de rotjes die hij als jongen ook zo vaak afstak. Pas als het geluid luider en dieper wordt en hij mensen met paniek in de ogen langs ziet rennen beseft Per Anders dat het geen rotjes zijn, maar geweerschoten. Hij sommeert iedereen om hem heen dekking te zoeken en rent zelf richting het water en verstopt zich onder een rotspartij. Lange, angstige minuten gaan voorbij, totdat hij ”de dader” voor het eerst ziet. Een blonde man in politie-uniform komt op hem af gelopen. Eerst schiet hij op een groepje vlakbij. Dan merkt Breivik Per Anders op. Hij richt zijn geweer op hem en haalt over. Per Anders springt in het water te zwemmen voor zijn leven. Als hij onder water is schieten de kogels over hem heen. Elke keer als hij naar adem moet happen hoort hij de schoten. Uiteindelijk wordt hij door een toerist uit het water opgepikt, ongedeerd bereikt hij het vaste land. Zijn eerste overwinning op ”de dader”.

 

Een jaar later, terwijl het proces tegen Anders Brevik het centrum van Oslo op zijn kop zet, ontmoet ik Per Anders voor het eerst. De naam Breivik spreekt hij niet uit, hij refereert consequent aan ”de dader”. Per Anders mijdt het centrum omdat hij aan Breivik geen gedachte vuile wil maken. Hij sluit zich op in de universiteitscampus van Blindern aan de rand van de stad op. In tegenstelling tot honderden andere overlevenden woont hij geen een dag van de rechtszaak bij.

In de Universiteitskantine vertelt hij wat zijn tweede overwinning op Breivik moet worden: hij wil zijn masterscriptie ondanks alles op tijd inleveren. Hij is goed gemutst, oogt vrolijk en gemotiveerd. Onder het genot van een goede cappuccino en de nodige hoeveelheid snus (een soort Scandinavisch pruimtabak) vertelt hij dat het redelijk goed gaat en dat hij de kans hoog inschat dat hij z’n scriptie op tijd in zal leveren. ”Ik wil hem laten zien dat wetenschap het wint van geweld, dat is mijn motivatie.”

 

Nu, nog eens drie jaar later, spreek ik Per Anders weer. Dit maal via Skype vanaf zijn vakantieadres in Noord Noorwegen. De herdenkingsdiensten van vandaag zijn niet aan hem besteed. ”Toen ik in het ijskoude water lag en voor mij leven vocht, besefte ik hoe belangrijk de zomeridylle van Utøya voor mij was. Het gelach, de rook van de het kampvuur, de vriendschap. Op dat moment besloot ik dat ik meer van het leven zou gaan genieten, en me minder druk zou maken. Vandaar dat ik er de voorkeur aangeef om die dag door te brengen met mijn naasten en het leven te vieren.”

 

Maar is hij er in geslaagd om een tweede overwinning op Breivik te boeken? Heeft hij zijn masterscriptie op tijd ingeleverd? Net als de eerste keer is het een heftige strijd om een tweede overwinning te boeken. Het trauma zit diep, maar het is erg lastig om dat toe te geven. Liever houdt hij zich groot. Per Anders wordt getart door concentratieproblemen en depressie. Op straat blijft hij bang doelwit te worden van een terroristische aanslag. Een van de akeligste momenten beleeft hij als de bus waarin hij zit aan de kant wordt gezet om ruimte te maken voor de politie-colonne waarin Breivik naar de rechtbank wordt gebracht.

 

Toch lukt het hem om zijn scriptie op tijd in te leveren. Ruim voor de deadline zelfs. ”Dat was een ongelofelijk overwinningsgevoel. Dat ik het überhaupt kon, dat ik mijn eigen leven kon bepalen, dat was de allergrootste overwinning voor mij. Ik weet dat het grote woorden zijn, maar die krijgen pas echt betekenis als je een moordpartij als die op Utøya overleefd. Ik opereerde eindelijk weer zelfstandig, dat had ik een tijd niet gekund”

 

Nadat Per Anders is afgestudeerd duurt het nog lang voordat hij zijn leven op de rails heeft. Op advies van zijn omgeving begint hij niet gelijk met solliciteren, hij behoud zijn bijbaantje bij een studentenwoningbouworganisatie en neemt de rust die zijn lijf en geest blijkbaar nodig hebben. ”Het is moeilijk om toe te geven dat je zwak bent. Dat zie ik bij veel overlevenden. Maar het is wel nodig om er echt bovenop te komen.”

 

In de wazige maanden na de aanslagen wordt Per Anders al verkozen in de gemeenteraad van Oslo. Mede omdat een van zijn kompanen op de lijst, Håvard Vederhus, omkomt op Utøya. Het politieke vuur dat in hem brand, dooft in die periode langzaam. ”Het is ontzettend moeilijk om met politiek bezig te zijn als je net doelwit bent geweest van een terrorist. Ik was zo ongelofelijk kwaad. Het ene moment zaten we over politiek te praten, en het volgende moment werden we beschoten door een terrorist. De enige reden dat hij op ons schoot was omdat het oneens was met ons. Uiteindelijk heb ik die woede om kunnen zetten in engagement. Als je met wapens aangevallen wordt vanwege je politieke overtuiging wordt het privilege dat we hier hebben om vrij te discussiëren en je stem te laten horen een plicht. Ik zal er vanaf nu altijd voor zorgen dat mijn stem gehoord wordt, dat er geluisterd wordt naar wat ik te zeggen hebben. In het begin viel het me heel zwaar, maar inmiddels stap ik met veel plezier op het spreekgestoelte in de raadszaal. Ik geloof echt weer in de politiek, ik geloof dat dat het beste middel is om verandering teweeg te brengen. Daar zit ik me nu weer met veel plezier en overgave voor in.”

 

Vier jaar na de aanslagen lacht het leven Per Anders weer toe. ”Eindelijk voel ik me vrij van de last, de angst, die ik dagelijks rond torste. Ik heb nieuw engagement gevonden, en dat heeft toch ook wel te maken met wat ik mee heb gemaakt 22 juli.” Hij heeft een echte baan aangenomen als politiek adviseur van het Noorse Rode Kruis. Daarnaast geldt hij als een van de grote beloftes van de gemeenteraad in Oslo. In het najaar hoopt hij herkozen te worden en zijn politieke carrière verder uit te bouwen, ”maar het is altijd lastig om een politieke carrière te plannen. Daarom heb ik daarnaast het plan opgevat om me niet zoveel druk te maken en zoveel mogelijk wijn te drinken als ik kan en nog meer te genieten van het leven.”

 

 

Mag Breivik studeren?

 

Afgelopen vrijdag werd bekend dat Anders Breivik een bachelor politicologie mag volgen aan de Universiteit van Oslo. De vraag of hij toegelaten moest worden leidde tot een heftig debat in de Noorse media waar ook Per Anders Langerød een bijdrage aan leverde. “Ik vind het goed dat we hem behandelen als elke andere gevangene, hij moet geen speciale behandeling krijgen. Iedereen heeft recht op onderwijs, dus ook hij. Maar ik vraag me wel af of we als samenleving wel zoveel geld in hem moeten steken.” Breivik zal nooit een diploma kunnen krijgen omdat hij vanwege het strenge gevangenisregime niet aan alle verplichte onderdelen deel zal kunnen nemen. Per Anders vind dat een reden om hem geen studieplaats te geven: “Hij bezet een plek die anders door een twintigjarige ingenomen zou worden. Hij zal nooit iets teruggeven aan de samenleving, nooit werken en geen enkel college bij kunnen wonen. Ik vind dat de plek dan eigenlijk naar die twintigjarige moet gaan”